wapen duitsers








wo2

  • Vanaf de introductie van de tank gedurende de Eerste Wereldoorlog, werd op allerlei manieren getracht de infanterie te voorzien van wapens om vijandelijke tanks het hoofd te kunnen bieden. Het meest voor de hand liggend was natuurlijk specialistisch antitank geschut. De snelheid waarmee de verplaatsing van troepen op het slagveld echter plaats vond, stond niet altijd toe dat tijdig de ondersteuning van antitank geschut mogelijk was. Om tussentijds de eenheden te kunnen beschermen tegen vijandelijke pantserwagens en tanks, werd door de strijdende partijen gezocht naar een andere oplossing. Deze werd gevonden in de vorm van een antitank geweer. De eerste Duitse versie van dit wapen tijdens Wo1 werd het T-Gewehr (Tank-Gewehr). Dit was een wapen met een kaliber van 13 mm, dat een 52 g zwaar projectiel afschoot met een snelheid van 780 m/s. Tijdens de Eerste Wereldoorlog voldeed dit wapen redelijk, wat meer te danken was aan de zwakke bepantsering van de toenmalige tanks dan aan het wapen zelf. Ontwikkeling De ontwikkeling van de tank, bracht de Duitse firma Rheinmetall in de jaren '30 van de twintigste eeuw ertoe om op basis van het oude T-Gewehr met de ontwikkeling te beginnen van een nieuw wapen. Allereerst richtte men de aandacht op de munitie. Het wapen werd geschikt gemaakt voor een projectiel met een kaliber van 7,9 mm en een gewicht van 14,6 g. Het projectiel kon hierdoor worden afgeschoten met een snelheid van 1150 m/s. Dit werd de Patrone 318 SmK-Rs-L'spur genoemd. Het was in feite een 7,9 mm kogel op een 13 mm huls. De kogel was van gehard staal. Voor dit nieuwe projectiel werd een geheel nieuw wapen ontwikkeld, de Panzerbüchse 38 (PzB 38). Tot dat moment werd door de Wehrmacht gebruik gemaakt van de Panzerbüchse 35 (PzB 35) , dat de Panzerbüchsepatrone P-35 7,92 x 107 munitie gebruikte. Deze woog totaal 62,6 g en vuurde een 14,5g projectiel af met een snelheid van 1270 m/s. Een nadeel van dit wapen was dat het door de zware terugstoot veel verwondingen tot gevolg had. De nieuwe PzB 38, ontwikkeld door B. Brauer van Gustloff-Werke te Suhl, trachtte dit probleem op te lossen door de loop totaal 9 cm te laten terugschieten na afvuren van het wapen. De afgevuurde huls kon dan met een hendel worden verwijderd, waarna de nieuwe patroon kon worden ingelegd. Dit ingewikkelde mechanisme had echter al nadeel dat het nogal eens weigerde nadat er stof en zand in terecht kwam. Gebruik Het wapen kon worden aangebracht op de tweepoot standaard van een MG 34 en kon deels worden opgevouwen om transport te vergemakkelijken. Tussen 1939 en 1940, werden totaal 1408 exemplaren van dit wapen geproduceerd door Gustloff. Bij de Duitse invasie van Polen in september 1939, werden tenminste 62 van deze wapens gebruikt. Hierna werd het wapen echter snel vervangen door haar opvolger, de PzB 39. Een Duitse infanterie Compagnie bezat over het algemeen drie teams, bestaande uit een schutter en een lader, die waren bewapend met een PzB 38 of 39. Deze vielen direct onder het commando van de commandant van de Compagnie. Tegen de lichte tanks van Polen voldeden de wapens nog redelijk, maar vooral tijdens de veldtocht in de Sovjet-Unie, bleek toch wel dat het wapen hopeloos was verouderd. De lage snelheid van het projectiel en de gebrekkige explosiekracht, maakte het kansloos tegen de goed bepantserde Russische tanks. Het wapen was zo impopulair bij de soldaten, dat het vaak op het slagveld werd achtergelaten, simpelweg uit frustratie door de bedieners ervan weggegooid. Hoewel er nog verscheidene opvolgers zijn geproduceerd en in gebruik genomen, werd al snel geconcludeerd dat een nieuw wapen nodig zou zijn. Bij de Duitse Wehrmacht werd die vooral gevonden in de Panzerfaust en Panzerschreck. Tabel 1: De technische gegevens van de Panzerbüchse 38: Kaliber : 7,92 mm patroon in 13 mm huls Lengte totaal: 161,5 cm Lengte loop: 108,5 cm Bereik: 1,5 kilometer Mondingsnelheid: Patrone 318: 1120 m/s voor een binnendringing in 30 mm spantserstaal op 100 m afstand Gewicht totaal: 16,2 kilo Gewicht loop: 6,14 kilo Bronnen: - Westwood D., German Infantryman (1) 1933-40, Osprey Publishing, 2002 - Panzerfaust Directe link: http://www.go2war2.nl/artikel/571 Afbeeldingen De PzB 38 Artikel door: Wilco Vermeer Geplaatst op: 24-3-2003 Laatst gewijzigd: 24-3-2003 Deze website is een initiatief van STIWOT (Stichting Informatie Wereldoorlog Twee) Alle rechten voorbehouden © 2002-2004 Hosting verzorgd door Vevida Services BV v9.1Vliegtuigen Voertuigen Schepen Handwapens Geschut Overige Legers Eenheden Overige Begrippen Codenamen Documenten Ooggetuigenverslagen Algemeen Holocaust Links Timeline WOII Actueel Speelfilms Boeken

3

te lijp

  • als je de site niet mooi vind of te grof ga dan naar www.mario.jouwpagina.nl het gaat over mario en zijn vrienden en bowser

south park

    speets

      medal of honor

      • iemand neer halen met een sniper makkelijk

      het weer

      • Weerprognose

      antitank wapen

      • Vanaf de introductie van de tank gedurende de Eerste Wereldoorlog, werd op allerlei manieren getracht de infanterie te voorzien van wapens om vijandelijke tanks het hoofd te kunnen bieden. Het meest voor de hand liggend was natuurlijk specialistisch antitank geschut. De snelheid waarmee de verplaatsing van troepen op het slagveld echter plaats vond, stond niet altijd toe dat tijdig de ondersteuning van antitank geschut mogelijk was. Om tussentijds de eenheden te kunnen beschermen tegen vijandelijke pantserwagens en tanks, werd door de strijdende partijen gezocht naar een andere oplossing. Deze werd gevonden in de vorm van een antitank geweer.

      hitler de grooste vijand

      • Weerprognose

      top 10

      world war 2

      radio

      soldaat

      soldaat op fiets

      saving privat cartman

        Poll

        • wat vindt jij het leukste spel

          medal of honor
          battlefield
          call of duty
          alledrie

        guns van battlefield vietnam

        t

        wo2

        • De aanleiding voor de ontwikkeling van dit infanteriewapen om tanks uit te schakelen was het verschijnen van de Amerikaanse Bazooka op het slagveld. Het is niet duidelijk waar de Duitsers hun eerste Bazooka in beslag namen. Er spreken bronnen van Tunesië in 1943, maar er zijn ook bronnen die spreken over het oostfront waar de Duitsers een Bazooka op de Russen buit wisten te maken. Aan de hand van de Bazooka begon de ontwikkeling van de Panzerschreck in het voorjaar van 1943. De Duitsers hadden inmiddels een ander infanterie antitankwapen ontwikkeld, namelijk de Panzerfaust. Dit was echter een wapen voor eenmalig gebruik. De Panzerschreck kon daarentegen herladen worden. Een ander belangrijk verschil met de Panzerfaust was dat de Panzerschreck door twee man bediend moest worden in plaats van één. Er was een schutter en een lader. Deze droegen beide hittebestendige kleding en in sommige gevallen een gasmasker. De verschillende modellen De Panzerschreck had net als de Bazooka een elektrisch vuurmechanisme. De Panzerschreck was in feite niet meer dan een pijp van waaruit een miniatuur raket met holle lading werd afgevuurd. De eerste Panzerschreck die ontwikkeld werd was de Raketenpanzerbüchse 43. Deze was 1,64m lang en woog 9,25kg. Het projectiel dat gebruikt werd was de 88mm Raketenpanzerbüchsen-Granate 4322 (RPzB.Gr.4322). Deze woog 3,30kg en had een explosieve lading van 660g. Deze granaten hadden een stabilisatiering net als bij vliegtuigbommen voor het verkrijgen van een zo klein mogelijke afwijkende baan van het projectiel. De raketlading brandde nog 2m nadat het de afvuurbuis verlaten had en bereikte hier ook zijn maximale snelheid van 105m/s. Van de RPzB.Gr.4322 waren twee versies ontwikkeld. Één voor winteromstandigheden (temperaturen van -40º tot 30ºC) en een zomerversie (-5º tot 50ºC). Van de Raketenpanzerbüchse 43 werden er niet zo veel geproduceerd en waren dan ook niet veel op het slagveld te zien. De bemanning moest zeer voorzichtig zijn, want tijdens het afvuren kwamen hete gassen vrij zowel aan de voorkant als achterkant. Dit, tezamen met de rookontwikkeling, was tevens een nadeel want die gaf de positie prijs van de bemanning. De opvolger voor de Raketenpanzerbüchse 43 was de Raketenpanzerbüchse 54. De verbeteringen ten opzichte van zijn voorganger was het beschermingsschild voor de schutter. Dit schild beschermde de schutter tegen de immense luchtstroom en de terugslag. De Raketenpanzerbüchse 54 woog 11kg en had een verbeterd bereik van 180m. Tevens was er een verbeterde granaat ontwikkeld namelijk de Raketenpanzerbüchsen-Granate 4992 (RPzB.Gr.4992). Deze waren ook weer in een winter- en een zomerversie ontwikkeld. Een pantser met een dikte van 230mm kon doorboord worden met dit projectiel. De productie van de Raketenpanzerbüchse 54 startte in oktober 1943. Van de Raketenpanzerbüchse 54 werden er 289.151 stuks geproduceerd en was de meest voorkomende Panzerschreck op het slagveld. In december 1944 werd er gestart met de productie van het volgende model, namelijk Raketenpanzerbüchse 54/1. Deze was korter (1,35m) en was dus ook lichter (9,5kg). Het afvuurmechanisme en het vizier waren verbeterd. De levensduur van de Raketenpanzerbüchse 54/1 was 200 schoten. Van dit model werden er tot de laatste dag van de oorlog 25.744 gemaakt. Gebruik van de Panzerschreck Om het wapen klaar te maken om af te vuren moest het projectiel aan de achterkant van de buis gestopt worden. De schutter had twee trekkers. De eerste werd gebruikt om het ontstekingsmechanisme aan te spannen, de tweede om deze te activeren. Richten gebeurde door een klein vizier. De Panzerschreckbemanningen werden ondergebracht in speciale Panzerzerstörergruppen. Deze bestonden uit twee maal drie Panzerschrecks. Over het bereik van het wapen twijfelt men. Officieel spreekt het Duitse waffenamt over 700m maar er zijn ook berichten over een effectief bereik van maar 100-200m. Het bereik is natuurlijk afhankelijk van de weersomstandigheden (wind, luchtvochtigheid en de temperatuur). Een voordeel van de Panzerschreck ten opzichte van de Panzerfaust was natuurlijk het grotere bereik. Er waren echter ook een hoop nadelen. De bemanning moest ten eerste goed getraind zijn voor het gebruik van het wapen. Ten tweede was het wapen zwaar om te vervoeren. Technische gegevens: Type: Raketenpanzerbüchse 54 (Panzerschreck 54) Kaliber; 88mm Lengte; 1640 mm Gewicht; 9,5 kg (11kg met beschermingsschild) Gewicht raket; 3,25kg Mondingsnelheid; 105 m/s Effectief Bereik; 100 - 200 m Penetratie; Maximaal 230 mm Afvuursysteem; Elektrisch Panzerschreck op een gepantserd voertuig De Duitsers experimenteerden met raketwerpers op pantservoertuigen. Dit resulteerde in het ontstaan van de Panzerjäger Bren 731(e). De Bren-carrier was een op de Engelsen buitgemaakt pantservoertuig. Hierop hadden de Duitsers drie Panzerschreckbuizen gemonteerd. Er zijn geen exacte cijfers bekend over het aantal omgebouwde Bren-carriers maar ze zijn voornamelijk ingezet aan het oostfront. De Duitsers bouwden ook een aantal oorspronkelijke mijnenvegers om tot gepantserd raketwerpervoertuig. Dit resulteerde in de Borgward B IVC Ausf. m RPzB 54. Ze werden maar in kleine aantallen omgebouwd en die er werden omgebouwd kwamen allen in actie aan het eind van de oorlog in de slag om Berlijn. Bronnen: - Gander T., Enzyklopädie Deutscher Waffen 1939 - 1945, The Crowood Press, 1998 - Lake J., The vital guide to combat guns and infantry weapons, Airlife publishing Ltd., 1996 Directe link: http://www.go2war2.nl/artikel/573 Afbeeldingen De Panzerschreck In actie Bevestigd op een buitgemaakte "Bren-carrier" Artikel door: Tom Notten Geplaatst op: 30-3-2003 Laatst gewijzigd: 21-3-2003 Deze website is een initiatief van STIWOT (Stichting Informatie Wereldoorlog Twee) Alle rechten voorbehouden © 2002-2004 Hosting verzorgd door Vevida Services BV v9.1Vliegtuigen Voertuigen Schepen Handwapens Geschut Overige Legers Eenheden Overige Begrippen Codenamen Documenten Ooggetuigenverslagen Algemeen Holocaust Links Timeline WOII Actueel Speelfilms Boeken

        sten

        • De Stengun is gedurende de oorlog op alle strijdtonelen veel gebruikt. Tevens hebben vele landen tijdens en na de oorlog dit wapen standaard aan hun legers uitgereikt. Nederland heeft de Stengun zelfs voor heeft uitbreken van de oorlog in Nederlands-Indië uitgetest. Door de Japanse inval is het echter bij twee proefexemplaren gebleven. Al heel snel werd de Stengun echter wel bij de Nederlandse Marine ingevoerd. Later kreeg ook de Nederlandse "Prinses Irene Brigade" het wapen uitgereikt. Bronnen: - Laidler P., The Sten Machine Carbine, Collector Grade Publications, 2000 - Matthijssen J., Stengun, oorspronkelijk artikel op Go2War2, STIWOT, 2001 - Vries G. de, Engelse wapens uit de Tweede Wereldoorlog, deel 1 en 2, SAM wapenmagazine nr. 120 en nr 122, Atlas, Soest, 2003 - www.stengun.dk Directe link: http://www.go2war2.nl/artikel/743 Afbeeldingen Een Britse Para met een Stengun Mk III Een Britse Para op Para BSA fiets en met Stengun Mk V Artikel door: Wilco Vermeer Geplaatst op: 7-6-2003 Laatst gewijzigd: 7-6-2003 Deze website is een initiatief van STIWOT (Stichting Informatie Wereldoorlog Twee) Alle rechten voorbehouden © 2002-2004 Hosting verzorgd door Vevida Services BV v9.1Vliegtuigen Voertuigen Schepen Handwapens Geschut Overige Legers Eenheden Overige Begrippen Codenamen Documenten Ooggetuigenverslagen Algemeen Holocaust Links Timeline WOII Actueel Speelfilms Boeken

        HH

          rtl

          vertel het je vriend




          c

          sniper


          ik ben gunking maker van de site